Volkeren

mannheimer-01

Grondolf  zette zich iets rechter toen de bard zijn naam vernoemde in het verhaal maar de rest ging jammer genoeg verloren in het tumult van de drinkhal. Gejuich, gelal en luid gelach zorgden ervoor dat de bard bijna aan het brullen was om gehoord te worden maar dat kon even goed de mede zijn, dacht Grondolf toen hij z’n zesde kroes aan z’n lippen zette en knipoogde naar de knappe rondborstige krijgsdochter van hun hoofdman. De deur vloog open in een vlaag van sneeuw en ijs waar niemand echt van opkeek tot Gnirdun de wachter verscheen met een bebloede speer en een deuk in z’n schild. Hij ademde zwaar maar z’n stem klonk krachtig door de hal: “Trollen!” Grondolf  drukte z’n kroes achterover, smeerde z’n baard af en greep z’n bijl. Bij Hymir, er zouden nog straffe verhalen verteld worden voor het ochtendgloren!

Meer over de Mannheimers…

 

goliad-04

 Gunter likte aan de uiteinden van z’n vingers en krulde z’n snor. In de reflectie van het glasraam van z’n etalage pauzeerde hij even om te zien of z’n hoed goed stond en trok dan met veel vertoon de deur open nog voor de klant aan de andere kant wist wat er gebeurde. Geslepen als hij was toverde hij z’n breedste glimlach en boog voor de Noorman in de deuropening.

“Welkom, o’ edele heer,  bij Gunters Garderobe, voor al uw fijnere kledij!  Hoe kan ik U helpen?”

In één oogopslag wist Gunter welk vlees hij in de kuip had:  eerste keer in Prinshaven, overbluft door de drukte van een échte stad, dikke beurs,  geen adel maar wel een ridder, wapens opgepoetst, frisse blik onder die baard, 10 winters jonger.

“Laat me raden heerschap, U moet verschijnen bij de Graaf en wilt graag iets minder strijdvaardig om te verschijnen aan zijn hof?” Nog voor de ridder een woord kon uitbrengen werd hij binnengeleid en viel de deur achter hem dicht.

Meer over de Goliad…
 

khalier-03

 Vanyë hief het kommetje water hoog boven haar kastanjebruine lokken. Het maanlicht weerspiegelde licht in het kabbelende oppervlak en voor haar torende de enorme woudreus uit;  een boom zo oud als Arduyn zelf. Rondom en op de immense wortels waren verscheidene druïden, verkenners en priesteressen van Ahlénnia bijeengekomen, alleen degenen die zo diep in het woud durfden te komen om deze rite bij te wonen. 

“Hierbij vernieuw ik ons huwelijk, O grote Oghcaddath, en geef mij gewillig en vrij om jouw slaap te vrijwaren.”  Nerveus om wat er zou volgen dronk ze van de kom en wierp de rest over de wortel waar ze op stond.  Ze dacht even een trilling vanuit de stam waar te nemen en zocht de blik van de priesteres Gaëlle. De oudere vrouw knikte aanmoedigend en Vanyë ontdeed zich van haar gewaad.

 Trillend liet ze haar naakte lichaam in de holte onder de boom zakken en verdween zo geheel onder de grond. De aanwezige Khaliërs hielden allemaal hun adem in en voor lange tijd was het stil. Gaëlle wou net het bevel geven haar van onder de boom te redden toen de woudreus plots begon te schokken. De vuile hand van Vanyë verscheen tussen de wortels en zocht een weg naar de oppervlakte. Snel werd ze omhoog getrokken door een verkenner. Gaëlle haalde opgelucht adem, alweer waren ze een jaar veilig.

Meer over de Khaliërs…
 

ranae-02

Zuchtend hef ik mezelf omhoog en stap mijn kleine woonwagen in.  Meteen als de deur achter me dichtslaat ben ik op mijn hoede. “Je bent laat!” constateer ik berispend. Een zacht gehis klinkt op vanachter me. “Mijn excuses, moeder.”  Mopperend stap ik op het bed af en kijk naar de ravage. “Bij de Heilige Godin, wat heb jij uitgespookt! “ Pijnlijk grimassend kijkt de jongeman naar me op. “Blijkbaar was het huis iets beter beveiligd dan gedacht.” Klakkend met mijn tong haal ik het vuile doek van zijn been en onderzoekend betast ik de  gekartelde wonde. “Je hebt geluk. Ze hebben je slagader net niet geraakt, maar volgende keer ben je misschien minder fortuinlijk.” Pijnlijk strompel ik naar de mand met verbanden en zalfjes. Iets harder dan nodig druk ik zijn wond bijeen voor het naaien. Met een laatste knip van de schaar knip ik de draad door en kijk hem onderzoekend aan. “Waarom? Wat moest je daar in godsnaam gaan zoeken? Je bent geen vagebond, maar meer.”

“Ludmilla heeft me opgezocht.” Gepijnigd hap ik naar adem en zet me naast hem. Hij wacht tot ik weer op adem ben en gaat verder. “Ze sprak over hoe ze is gestorven en ook over een goed bewaard geheim. De naam van de Goliad Tjaleck Mandech viel. Ze sprak over een kist onder zijn bed.” Verdrietig denk ik terug aan Ludmilla, mijn dochter. Haar schoonheid was verbazingwekkend en ze had ze gebruikt waar ze kon. Haar vingervlugheid had jammer genoeg ook bekend gestaan en op een dag had ze het verkeerde slachtoffer gekozen. Ik heb altijd geweten dat ze dood was, maar het feit dat ze Rafael bezocht had, was de bevestiging die ik nooit gezocht had. Een tijdje bleef ik Rafael aankijken.

“Je bent een spiritist, Rafael. Geen inbreker, geen krijger en al zeker geen sluipmoordenaar. Maar niemand raakt mijn kinderen aan zonder straf! Ik wil wraak, Rafael. Laat hen bloeden zoals ze het hart van clan Abrami hebben doen bloeden. Roep de clan bijeen. Vanavond brengen we een bezoek aan die Mandech en zijn vloeren zullen rood kleuren met Goliad bloed!  Zowaar mijn naam Margot Abrami is en bij Senestha, deze nacht zal gevuld zijn met wraak!”

Meer over de Ranae…
 

bhandakorr3-05

Tharik ademde de zware, kruidige dampen in van de branders in de grot. Hij voelde zich lichthoofdig maar concentreerde op de zwetende  gestalte die voor hem lag op een nest van takken en gebladerte.  Het was z’n broer Tharum die al ijlend van de koorts lag te spartelen onder de aanrakingen van de oude sjamaan.  Het knokige mannetje onderzocht de wonde aan de ribben en tuurde naar Tharik met een droevige blik vanonder z’n met oker gekleurd gezicht versierd met gekerfde botjes. 

“Wond vuil, Tharum naar andere kant gaan, snel” 

Tharik slikte een krop door maar hield z’n kin hoog. 

“Dan zal z’n lichaam de stam dienen en zijn verhaal rond het vuur verteld worden, tot de wereld eindigt.”  Tharik praatte vloeiender de rijkstaal, geleerd van de staalmannen uit de vallei.  De sjamaan pauzeerde en leek te luisteren naar iets onhoorbaars, z’n blik gericht op een bepaalde plek op de rotswand.

“Tharum zeggen zijn geest jou dienen, zijn kracht  jouwe zijn, ik maken nieuwe botbijl.”

Tharik knikte eerbiedig en keerde naar zijn broer, een beendermes in z’n hand dat ooit uit het borstbeen van hun vader kwam. 

“Tot aan de andere kant, broer.”

Meer over de Bhanda Korr…